Skip to main content

Posts

TUNNELVISIE

Toen twee weken geleden de weermannen en -vrouwen met veel tromgeroffel het uitverkoopnieuws Laatste Doldwaze Dagen van het Jaar! de ether inslingerden wist ik wat mij te doen stond: tasje inpakken en bandjes oppompen. Om negen uur 's ochtends verliet ik in ontspannen toestand het huis en reed op mijn door pure spierkracht aangedreven ijzeren ros in zuidwestelijke richting. Mijn gemiddelde actieradius op zo'n dag is ongeveer 80 kilometer. De echte MAMIL ( Middle Aged Man in Lycra ) lacht hierom, maar ik vind deze afstand, afgelegd zonder sjoemelmotor, helemaal niet slecht en bovendien ideaal. In mijn tempo ben ik dan namelijk om 16:00 uur op mijn bestemming, check vervolgens in bij een goed hotel (want ik ga nooit meer bie-en-biën in een nieuwbouwhuis waar je in de voormalige zolderkamer van een te jong gestorven tiener moet overnachten) ga douchen, haren kammen, luchtje opdoen, het tegen kreukels netjes opgerolde lichtgewicht tenue de ville aantrekken en afdalen naar het terra...

MART SMEETS: HIGHWAYMAN

Na twee jaar op Curaçao gewerkt te hebben als cameraman/regisseur voor de meest uiteenlopende programma's en omroepen, besloot ik in 1993 naar Miami te verhuizen. Hoe leuk het ook was op Curaçao, het bleef een eiland waar ik enigszins stagneerde qua technische ontwikkelingen en mogelijkheden. Ik liet dus alle producenten in Hilversum weten dat ik een nieuw basiskamp had maar dat ik, net als vanaf de Antillen, de hele regio gemakkelijk kon bestrijken.  Een van de eerste opdrachten was voor Studio Sport . Mart Smeets had gevraagd of ik beschikbaar was voor een reportage over een veelbelovende jonge wielrenner, woonachtig in Austin, Texas. Ik had al eerder met Smeets gewerkt. Wielrenliefhebbers kunnen grofweg verdeeld worden in twee kampen: zij die een hartgrondige hekel hebben aan De Mart en zij die hem zeer waarderen. Hoewel ik zelf niet bovenmatig in wielrennen ben geïnteresseerd, behoor ik tot het laatste kamp. Smeets is een ouderwets bevlogen verslaggever, een woordsmid én een he...

M'N OPA, M'N OPA

Wat is de juiste strategie bij het ontvangen van blauwe enveloppen, brieven van het Justitieel Incassobureau of andere vervelende post? Als weldenkend volwassen persoon zeg je natuurlijk: meteen openmaken!  Aan de andere kant van het spectrum bevinden zich de notoire vermijders. Envelop diep in een la of kastje leggen, kop in het zand, deurtje dicht. Ik zit daar ergens tussenin. Sommige brieven laat ik in het zicht een dag of twee smeulen, wachtend op het moment dat ik me daadkrachtig genoeg voel ze te lijf te gaan. Zo lag er vorige week al twee dagen een zacht tikkende tijdbom op het gangkastje. Op de envelop het zwierige, bijna vrolijke lichtgroene logo van de Sociale Verzekeringsbank. Mijn geliefde dacht te weten wat de inhoud was, want zij had een paar maanden eerder een dergelijk schrijven ontvangen. “Mulderino,” riep zij herhaaldelijk, “ik zou 'm maar snel openmaken, want dit gaat waarschijnlijk over je (onheilspellende pauze) AOW.” Toen ik eindelijk na een paar stevige kop...

TUTTO

Trouwe lezers van deze columns weten dat ik een groot liefhebber ben van Italië. En wie is dat eigenlijk niet? Ik ga jullie dus niet lastigvallen met tot op het bot uitgekauwde olijfoliereclame- clichés. (Als ik nog één keer in een advertentie of artikel het begrip la dolce vita tegenkom dan word ik completamente pazzo .)  De heilige drie-eenheid Rome, Venetië en Napels had ik lang geleden al met een bezoek vereerd, maar pas begin jaren negentig leerde ik via collega Steve de Reus het land en met name de Italianen echt goed kennen. De ouders van Steve hadden in de jaren zestig een huisje gekocht in het bergachtige gebied ten zuidwesten van Bologna in een stadje genaamd Lizzano in Belvedere. Ik moet jullie meteen uit de droom helpen als je bij het horen van deze prachtige, poëtische naam iets voor je ziet in de categorie Lucca, Siena of Matera. Mijn geliefde noemt Lizzano in Belvedere consequent "het lelijkste dorp van Italië". Ik vind dat ietsje overdreven, maar ik geef toe: ...

MISSION TAILWIND

Toen ik begin jaren zeventig werd opgeroepen voor de dienstplicht probeerde ik daar als pacifist (lees: stonede hippie) uiteraard onderuit te komen. Stonede hippie Officieel dienstweigeraar worden was echter een tamelijk ingewikkeld juridisch traject en zo overtuigd pacifistisch was ik nu ook weer niet. Omdat ik lichamelijke noch verborgen gebreken vertoonde, zoals bleek bij de keuring, werd ik cum laude tot dipli (Dienstplichtig Soldaat) gebombardeerd. Mijn enige ontsnappingsmogelijkheid was nu via een herkeuring de mythische kwalificatie "S5" zien te bemachtigen. Dit was een indicatie van psychische ongeschiktheid voor het leger. Enige nadeel: je zou "nooit meer een baan bij de overheid krijgen". Jammer dan. Een paar weken later lukte het mij inderdaad om stuiterend van de Pervetine-pillen (ook wel speed genaamd) met een totaal warrig verhaal het felbegeerde S5-stempeltje te bemachtigen. Blijkbaar is mijn dossier in een lade verdwenen, want ik heb later regelmatig...