Skip to main content

EEN KORT KERSTVERHAAL



Het was gisteren druk bij priklocatie RAI. In de zeer ruime hal was een mooi meanderend slingerparcours uitgezet. Ondanks dat de sfeer gemoedelijk en berustend was hoorde ik iemand, iets te luidruchtig zeggen:
"Dit gaat minstens drie kwartier duren!"
Zijn tegenligger aan de andere kant van het lint antwoordde:
"Ja, maar bij de IC zijn de wachttijden minstens drie weken."
Om me heen werd zachtjes gegrinnikt. We schuifelden verder richting roltrap. Ik keek eens goed om mij heen. En kwam tot een opvallende conclusie. Er vanuit gaande dat deze mensen, net als ik, praktisch allemaal van de lichting '54 en '55 waren, merkte ik op dat heel veel mannen boomlang waren. Nu ben ik zelf ook niet bepaald klein, maar het leek wel of hier een compleet basketbalteam met een bus was gearriveerd. Ben benieuwd naar de wetenschappelijk verklaring hiervan. Straks maar even opzoeken. Na een half uur kwam de finish in zicht. Het hele ritueel leek een beetje op de wachtprocedure bij de nachtmerrie van elke wereldreiziger: Kennedy Airport. Behalve dan dat op het vliegveld van New York de immigration officers er op getraind zijn je zo ongastvrij mogelijk te behandelen. Hier was het tegenovergestelde het geval. Vrolijke jonge mensen die voor de zoveelste keer geduldig uitlegden hoe je op je smartphone de uitnodiging moest openen. Uiteindelijk mocht ik mij vervoegen bij prikhok 24. Een dame met prachtige ogen keek op mijn gegevens en zei, wijzend op een paar haken die aan een schotje waren geschroefd:
"Hallo Martin, doe eerst even al die truien uit."
Als notoire koukleum was ik inderdaad voortvarend ingepakt, en de echte winter moest nog beginnen. Na enig geworstel stond ik klaar in een mooi schoon wit T-shirt.
"Ga lekker zitten Martin."
Ik keek op haar badge.
"Hè, gesselig Jesse."
Ik sprak dit uit met een vet aangezet Amsterdams accent . Soms, ik weet niet waarom, doe ik dit om mijzelf een stoere houding te geven.
"Je spreekt het uit als 'Djezzie', Martin."
Ik zou zweren dat haar mondkapje een verleidelijke glimlach verborg.
"Aha, zoals in Jessie Norman, de operazangeres?"
Meteen laten merken dat je, ondanks je accent, niet van de straat bent.
"Ja Martin, maar dat spel je iets anders..."
Weer die verborgen glimlach, ik zweer 't je. Nu cool blijven Mulder. Geen broeierige 'Sprookjes van Duizend-en-een-nacht' toestanden hier in dit hok.
"Links of rechts?" vroeg ze.
Ik trok kordaat het textiel van mijn linkerschouder omlaag.
"Je kan beter de mouw helemaal omhoog rollen, Martin."
Ik deed wat me werd opgedragen.
"Beter zo Martin, een beetje zoals Herman Brood destijds."
Wow, had ze op haar computer gezien dat ik ooit met Brood on the road was geweest? Leek mij sterk.
"Kom maar op, Jesse! Net als Herman ben ik niet bang voor een spuitje."
Het ging snel en pijnloos. Ik hees mij weer in mijn pooluitrusting.
"Nou, dan ga ik maar weer 's, Jesse."
"Fijn Kerstfeest, Martin."
"Jij ook, Jesse."
Ik fietste terug naar huis. Last van bijwerkingen?
Alleen maar vrolijke....

Ik wens iedereen fijne en gezonde feestdagen. 

© 2021  Martin Mulder

Comments

Post a Comment

Popular posts from this blog

EIN ANGENEHMER NACHMITTAG

Ruim een half jaar geleden kregen mijn geliefde en ik een berichtje van onze goede vriend Paul. Of wij zin hadden hem en zijn knappe vriend Frank, Zahnarzt aus Hamburg, te vergezellen naar een uitvoering van een Wagner-opera in het befaamde Festspielhaus in Bayreuth? We keken elkaar even kort aan en riepen in koor: “NU!” Onze code voor Niets Uitstellen! We gebruiken dit mantra de laatste tijd steeds vaker. Het heeft alles te maken met het feit dat we inmiddels met steeds grotere regelmaat afscheid moeten nemen van dierbare vrienden. Er zijn talloze benamingen voor de Dood: Magere Hein, De Man met de Zeis of, in het Engels, het heerlijk onheilspellende The Grim Reaper. Zelf gebruik ik de door Harry Vermeegen bedachte, iets luchtigere maar zeer beeldende titel De Ober met het Laatste Bonnetje . Het is die schimmige figuur in een morsig, donker en versleten colbertje met scheef hangende, zwarte stropdas die vroeg of laat, juist als je het niet verwacht, plotseling op je schouder tikt. -We...

Een slepende affaire

Vorig jaar kreeg ik een interessant verzoek. Of ik als ghostwriter het levensverhaal wilde optekenen van mijn goede vriend Bert Evers. Verhalen in de categorie van krantenjongen tot miljonair zijn er in overvloed, maar het traject dat Bert aflegde is tamelijk opmerkelijk. Begin jaren negentig leerde ik hem kennen tijdens mijn eerste klus op Curaçao. Het betrof een speciale Antilliaanse editie van het praatprogramma van Tineke de Nooij. Het klikte meteen tussen Bert, mij en het eiland. Ik zou daarna nog een aantal keren terugkeren voor diverse andere opnames. De vriendschap werd hechter en uiteindelijk zou ik zelf, op de hielen gezeten door de Inspecteur én diverse dames, bijna drie jaar op het eiland bivakkeren. De carrière van Bert Evers zag er aanvankelijk niet rooskleurig uit. Hij werd begin jaren vijftig geboren in de Mercatorbuurt in Amsterdam-West, als zoon en kleinzoon van hardwerkende café-uitbaters.  Het Mercatorplein in Amsterdam Oud-West Behept met een lichte stotter en ...

EEN GEHEEL VERZORGDE GROEPSREIS (deel 1)

Principes zijn mooi, nobel en soms heldhaftig maar ze komen in allerlei gradaties. Een aantal is in marmer gebeiteld (“Ik zou nooit…”) maar er zijn ook heilige voornemens die onder druk stroperig of zelfs vloeibaar worden. Wie nooit van gedachten verandert denkt niet genoeg na. En principes kunnen soms ook gratuit zijn. Het klinkt heel stoer om te beweren dat je “nog liever naar de tandarts gaat dan naar een concert van De Toppers” (citaat van ondergetekende) maar dat is natuurlijk volstrekt triviaal. Gezien de titel van deze column voel je ‘m waarschijnlijk al aankomen. De stelligheid waarmee ik en velen in mijn postcode beweren “never nooit een geheel verzorgde groepsreis” te zullen boeken is uiteraard potsierlijk. Bij mij werd dit heilige voornemen kneedbaar toen mijn geliefde mij om de oren sloeg met de terechte constatering dat ik als cameraman “zo’n beetje de hele wereld had gezien” maar dat zij (vanwege haar status als gescheiden vrouw met twee opgroeiende jongens) zich dit “noo...